In zijn vergadering van 6 november 2025 heeft de raad van kerkfabriek Sint-Martinus, Genk-Centrum, het meerjarenplan 2026-2031 en het budget van dienstjaar 2026 goedgekeurd.
Op 17 november 2025 verleende de bisschop van Hasselt gunstig advies over het meerjarenplan 2026-2031 en het budget van dienstjaar 2026 van kerkfabriek Sint-Martinus, Genk-Centrum.
De stedelijke exploitatietoelage van het meerjarenplan 2026-2031 evolueert als volgt:
2026 € 252.779,02 |
2027 € 224.340,67 |
2028 € 227.538,02 |
2029 € 216.724,60 |
2030 € 237.015,89 |
2031 € 196.168,23 |
Enkel bij het eerste jaar van het meerjarenplan wordt voor de berekening van de exploitatietoelage rekening gehouden met het gecorrigeerd overschot/tekort (K-waarde) van voorgaande jaren. De K-waarde van het budget 2026 bedraagt € 17.591,99 en is het verschil tussen het exploitatieresultaat van de rekening van 2024 en de K-waarde uit het budget 2025:
| Overschot/Tekort Exploitatie | Budget 2026 | |
| J | Exploitatie eigen boekjaar | € -270.371,01 |
| K | Gecorrigeerd overschot/Tekort Exploitatie n-2 | € 17.591,99 |
| L | Exploitatie vóór toelage | € -252.779,02 |
| M | Exploitatietoelage | € 252.779,02 |
| N | Overschot/Tekort Exploitatie | € 0,00 |
In 2020 heeft de kerkfabriek een renteloze lening van € 100.000,00 van het bisdom bekomen en dit om de exploitatietekorten van 2019 en 2020 aan te zuiveren. De terugbetaling van deze financiering start vanaf het meerjarenplan 2026-2031 en dit met € 5.000,00 per jaar (mar 250) gedurende 20 jaar.
Investeringen
In 2029 wordt fase 2 van de herstellingen van het dak van de kerk voorzien. De totale kostprijs wordt geraamd op € 1.300.000,00, incl. btw en erelonen. Er wordt een gewesttoelage van € 390.000,00 (=30%) en een stadstoelage van € 455.000,00 (=35%) ingeschreven. Aan de kerkfabriek werd gevraagd om zelf een bijdrage te leveren t.b.v. € 200.000,00, zodat er nog maar een renteloze lening van de stad van € 255.000,00 nodig is. De lening heeft een looptijd van 15 jaar en de 1e kapitaalsaflossing zal plaats vinden in 2030.
Voor de opstart van het werkendossier vraagt de architect een 1e voorschot van de erelonen in 2026 en een tweede voorschot in 2027. Deze kosten zullen telkens worden gefinancierd met een gift van de Vriendenkring van de Sint-Martinuskerk.
2026 | 2027 | 2029 | |
| Investeringsontvangsten | |||
| -mar 3100 Toelage stad | € 0,00 | € 0,00 | € 455.000,00 |
| -mar 3102 Toelage gewest | € 0,00 | € 0,00 | € 390.000,00 |
| -mar 3109 Andere | € 24.200,00 | € 24.200,00 | € 151.600,00 |
| -mar 350 Leningen | € 0,00 | € 0,00 | € 255.000,00 |
| Totaal | € 24.200,00 | € 24.200,00
| € 1.251.600,00 |
| Investeringsuitgaven | |||
| -mar 4100 Grote herstellingen | € 0,00 | € 0,00 | € 1.150.000,00 |
| -mar 4102 Erelonen | € 24.200,00 | € 24.200,00
| € 101.600,00 |
| Totaal | € 24.200,00 | € 24.200,00
| € 1.251.600,00 |
Art. 41-50 van het decreet van 7 mei 2004, betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten in het Vlaamse gewest schrijft voor dat het meerjarenplan en het budget van de kerkfabrieken onderworpen zijn aan de goedkeuring van de gemeenteraad.
De gemeenteraad keurt het meerjarenplan 2026-2031 en het budget van dienstjaar 2026 van kerkfabriek Sint-Martinus, Genk-Centrum goed.
Een afschrift van dit besluit zal worden overgemaakt aan de overige instanties.