Terug
Gepubliceerd op 23/12/2025

2025_GEM_00361 - Belastingen - Aanpassing van het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) en verlenging tot en met aanslagjaar 2031, met ingang van 1 januari 2026 - Goedkeuring

Gemeenteraad
di 16/12/2025 - 20:15 Stadhuis - Foyer
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Belastingreglement.
  • Bijkomende aanslagvoet: Nee

Samenstelling

Aanwezig

Wim Dries, Burgemeester; Anniek Nagels, 1ste schepen; Karel Kriekemans, 2de schepen; Harun Solak, 3de schepen; Erhan Yilmaz, 4de schepen; Kathleen Parthoens, 5de schepen; Alessandro Cucchiara, 6de schepen; Mustafa Harraq, 7de schepen; Sara Roncada, 8ste schepen; Michael Dhoore; Annita Laporte; Tom Arts; Erik Gerits; Chris Janssens; Marleen Vrancken; Geert Reyskens; Nele Beckers; Laura Olaerts; Gaby Colebunders; Cansu Pinarci; Yilmaz Kurtal; Danny Kerkhofs; Sabine Hoeven; Anna Boey; Cindy Machiels; Inge Paesen; Juul Bergmans; Johan Vangeneugden; Alinoé Remacle; Alay Beyazyuz; Anneleen Remans; Marie Zwijzen; Alessio Pavone; Felicia Cesar; Zehra Özmen; Kübra Sertkaya; Stijn Ooms; Toon Vandeurzen, Voorzitter

Verontschuldigd

Zuhal Demir; Nawal Farih

Secretaris

Stijn Ooms

Voorzitter

Toon Vandeurzen, Voorzitter

Stemming op het agendapunt

2025_GEM_00361 - Belastingen - Aanpassing van het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) en verlenging tot en met aanslagjaar 2031, met ingang van 1 januari 2026 - Goedkeuring

Aanwezig

Wim Dries, Anniek Nagels, Karel Kriekemans, Harun Solak, Erhan Yilmaz, Kathleen Parthoens, Alessandro Cucchiara, Mustafa Harraq, Sara Roncada, Michael Dhoore, Annita Laporte, Tom Arts, Erik Gerits, Chris Janssens, Marleen Vrancken, Geert Reyskens, Nele Beckers, Laura Olaerts, Gaby Colebunders, Cansu Pinarci, Yilmaz Kurtal, Danny Kerkhofs, Sabine Hoeven, Anna Boey, Cindy Machiels, Inge Paesen, Juul Bergmans, Johan Vangeneugden, Alinoé Remacle, Alay Beyazyuz, Anneleen Remans, Marie Zwijzen, Alessio Pavone, Felicia Cesar, Zehra Özmen, Kübra Sertkaya, Stijn Ooms, Toon Vandeurzen
Stemmen voor 21
Wim Dries, Anniek Nagels, Kathleen Parthoens, Annita Laporte, Tom Arts, Michael Dhoore, Nele Beckers, Alessandro Cucchiara, Erik Gerits, Mustafa Harraq, Inge Paesen, Sara Roncada, Erhan Yilmaz, Yilmaz Kurtal, Cansu Pinarci, Karel Kriekemans, Harun Solak, Zehra Özmen, Alinoé Remacle, Alay Beyazyuz, Toon Vandeurzen
Stemmen tegen 16
Chris Janssens, Marleen Vrancken, Geert Reyskens, Laura Olaerts, Danny Kerkhofs, Sabine Hoeven, Gaby Colebunders, Anna Boey, Cindy Machiels, Juul Bergmans, Alessio Pavone, Johan Vangeneugden, Kübra Sertkaya, Marie Zwijzen, Felicia Cesar, Anneleen Remans
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2025_GEM_00361 - Belastingen - Aanpassing van het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) en verlenging tot en met aanslagjaar 2031, met ingang van 1 januari 2026 - Goedkeuring 2025_GEM_00361 - Belastingen - Aanpassing van het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) en verlenging tot en met aanslagjaar 2031, met ingang van 1 januari 2026 - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Het is budgettair noodzakelijk belastingen te heffen die toelaten de uitgaven van gemeenten in het algemeen te financieren, en aldus de continuïteit van de werking van de stadsdiensten en de dienstverlening – ook op lange termijn – te kunnen handhaven. Belastingen vormen immers een belangrijke bron van inkomsten voor gemeenten, waardoor deze één van de pijlers vormen van de gemeentelijke autonomie. 

Argumentatie

De gemeenteraad stelde op 21 december 2021 volgend reglement vast: ‘belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025’ (gewijzigd in de gemeenteraad van 21 december 2021, met ingang van 1 januari 2022). 

Via voorliggend wijzigingsbesluit worden volgende aanpassingen voorzien:

1. Verlenging van het (belasting)reglement tot en met aanslagjaar 2031. Het getuigt van behoorlijk bestuur om te streven naar een maximale transparantie ten aanzien van de houders van het zakelijk recht en de belastingplichtigen, opdat hen een duidelijk en voorspelbaar toekomstperspectief wordt geboden – dit uiteraard met dien verstande dat een (belasting)reglement steeds door de gemeenteraad kan worden gewijzigd, bijvoorbeeld ingevolge maatschappelijke en/of economische evoluties of voortschrijdend inzicht. De installatievergadering van de gemeenteraad van begin december 2024 luidde de nieuwe legislatuur 2025-2030 in; overeenkomstig de Omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit is het wenselijk om de geldigheidsduur van de belastingreglementen beperkt te houden en de gemeentelijke legislatuur niet langer dan één jaar te laten overschrijden.

Het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) wordt aldus verlengd met de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.

2. Verhoging belastingtarieven in 2026. Het behoort tot de gemeentelijke autonomie om de belastingtarieven te bepalen. Naast het financiële hoofddoel kan een gemeentebelasting een beleidsmatig nevendoel hebben, waarbij hogere belastingtarieven erop gericht kunnen zijn om onwenselijke situaties te ontmoedigen.

Gelet op onderstaande vaststellingen:

  • Sinds de start van de leegstandsinventarisatie door stad Genk in 2010 zijn de ABEX-index (die de duurte van de bouwmaterialen meet) en de consumptieprijsindex significant gestegen. 
  • Voor aanslagjaar 2025 bedroeg het basistarief voor ééngezinswoningen in de Belfiuscluster ‘grote steden en regionale steden’ (cluster voor Genk) gemiddeld € 1.466,00 en in de Belfiuscluster ‘landelijke gemeenten of verstedelijkte plattelandsgemeenten met sterke demografische groei’ (cluster voor Oudsbergen, As en Zutendaal) gemiddeld € 2.136,00. De basisbelasting van de GAOZ-gemeenten bedroeg in 2025 met € 1.000,00 veel lager.
  • Uit analyse van de reglementen van de centrumsteden blijkt dat het tarief meestal 4 keer wordt verhoogd. In het huidige reglement was dit tot 3 keer beperkt. 
  • Uit analyse van het leegstandsregister blijkt verder dat 97 % van de geïnventariseerde panden behoort tot de categorie 0-200 m²; de gebruikte indeling is dus niet zinvol en administratief overbodig. De heffingen voor handelspanden (vooral van toepassing voor Genk) ligt bovendien veel lager in Genk dan in de centrumsteden: daar liggen de heffingen voor de duurste zones tussen € 1.375,00 (Sint-Niklaas) en € 4.562,00 (Mechelen); het gemiddelde voor de centrumsteden bedraagt € 2.662,00. 
  • Uit analyse van de belastinginkomsten tot 2024 blijkt dat op 233 lokale besturen met een belastingreglement op leegstand, As (plaats 171), Oudsbergen (plaats 219), Genk (plaats 223) en Zutendaal (plaats 229) erg laag scoren op vlak van belastinginkomst per 1.000 huishoudens, gerangschikt van hoog naar laag. De GAOZ-gemeenten doen jaarlijks een screening van de leegstaande panden; de inventarisatiegraad van woningen en kamers is goed en al jaren stabiel. Dat blijkt ook uit cijfers van de studie van Bond Beter Leefmilieu rond leegstand in Vlaanderen. Het is dus onwaarschijnlijk dat de lagere inkomsten te wijten zijn aan een lage inventarisatie. 

Vermits stad Genk ook het nastreven van de effecten van de belasting, zoals eerder bepaald door de gemeenteraad (2019_GEM_00395), wenst verder te zetten en de belastingtarieven aldus voldoende slagkrachtig dienen te zijn om leegstaande panden te activeren, is het, gelet op bovenstaande vaststellingen, aangewezen om:

  • het basistarief voor woningen en kamers te verhogen met 50%
  • de onderverdeling op basis van de netto vloeroppervlakte voor gebouwen te schrappen en het vast basistarief te verhogen tot € 1.500,00
  • voor de opeenvolgende termijnen van 12 maanden op het leegstandsregister tot factor 4 te hanteren voor de belastingtarieven, in overeenstemming met de reglementen van de meeste centrumsteden

3. Aanpassing van de belastingtarieven aan het prijspeil. Vanaf 2026 worden de belastingtarieven jaarlijks, op 1 januari,  geïndexeerd aan de hand van de index van de consumptieprijzen, waarbij de geïndexeerde tarieven naar een veelvoud van € 5,00 worden afgerond. De consumptieprijsindex van november 2025 wordt daarbij als basis gehanteerd (eerste indexering in aanslagjaar 2027).

4. Aanpassing inzake vrijstellingen. Onder meer volgende vrijstellingen worden aangepast, toegevoegd of geschrapt:

  • Voor vrijstellingen op basis van een onteigeningsplan of ruimtelijk uitvoeringsplan wordt ervoor geopteerd om de vrijstelling toe te kennen wanneer er een voorlopig ruimtelijk uitvoeringsplan is opgemaakt. Meestal blijkt al snel bij de start van een RUP dat eigenaars van een leegstaand (handels)pand moeilijk nieuwe investeerders of kopers vinden zolang er geen duidelijkheid is over de nieuwe mogelijkheden of bestemming. Nieuwe functiewijzigingen toestaan, alvorens de nieuwe bestemmingsvoorschriften gekend zijn, is eveneens soms moeilijk: het beperkt de toekomstige invullingen. Bij de opmaak van een onteigeningsplan kan er een vrijstelling toegekend worden wanneer er geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd voor een pand. Om stilstand te vermijden wordt de vrijstelling toegekend voor maximum 4 jaar.
  • De vrijstellingen voor monumenten of beschermde stads- of dorpgezichten of landschappen worden geschrapt, gezien deze niet proportioneel zijn en niet aanzetten tot activatie of herbestemming.
  • Gelet op het feit dat woningen of gebouwen vaak niet activeerbaar zijn zolang ze deel uitmaken van een gerechtelijke procedure (het goed moet immers gevrijwaard worden, dus verhuur kan niet toegestaan worden; in geval van huurschade is het niet duidelijk wie ervoor moet opdraaien), wordt de vrijstelling voor een gerechtelijke procedure verruimd en geherformuleerd. Daarbij blijft het essentieel dat de woning, kamer of gebouw daadwerkelijk niet kan gebruikt worden; hiervoor worden 4 mogelijke redenen toegevoegd. Bij een verzegeling of een betredingsverbod is dit duidelijk, ook wat betreft de termijn van de vrijstelling. Daarnaast wordt elke gerechtelijke procedure die het gebruik van een woning of een pand onmogelijk maakt, opgenomen; voor deze vrijstelling kan maximaal voor 4 jaar en eenmalig toegekend worden, om te vermijden dat lange procedures worden gebruikt om tijd te winnen en geen leegstandsheffing te betalen. Bij sommige administratieve procedures ten slotte (bv. onderzoek bodemverontreiniging) is het eveneens onmogelijk om het pand te activeren. 
  • Bij de vrijstelling voor renovatie via een omgevingsvergunning, werd toegevoegd dat voor collectieve renovaties van meerdere woningen een vrijstelling voor maximaal 6 opeenvolgende jaren mogelijk is, gelet op het feit dat eigenaars hiervoor vaak woningen langere tijd leeg moeten laten staan, tot alle woningen in een bouwblok of zone gelijktijdig kunnen gerenoveerd worden. Ook wordt de basisvrijstelling voor renovatie (via renovatienota en omgevingsvergunning) verruimd van 2 naar 3 jaar. Veel renovaties duren lang vanwege technische complexiteit, de renovatieplicht, een hoger ambitieniveau en het zelf uitvoeren van meer werken omwille van besparingen.
  • Bij de vrijstellingen in het kader van de subsidie tot commerciële invulling en verfraaiing en optimalisatie van handels-, horecapanden en buurtwinkels en in het kader van de stedelijke databank handelspanden, werd de verwijzing naar het betreffende stedelijke reglement geactualiseerd. 
  • De vrijstelling onder 13° wordt geschrapt: er werden in dit verband in het verleden geen vrijstellingen toegekend: er zijn geen concrete voorbeelden van BPA’s of RUP’s die buiten het kernwinkelgebied de herbestemming naar andere functies verhinderen; voor BPA’s ouder dan 15 jaar kan er inmiddels gemotiveerd worden afgeweken; het is zinvoller om pas een vrijstelling toe te staan als er een concrete aanpassing van de bestemmingsvoorschriften is opgestart (cf. de vrijstelling op basis van een ruimtelijk uitvoeringsplan).

Ter verduidelijking: een vrijstelling waarvan in het belastingreglement vermeld is dat deze geldt voor meer dan één aanslagjaar, dient door de belastingplichtige éénmalig aangevraagd te worden via het formulier zoals beschreven in artikel 10. Na toekenning van de aangevraagde vrijstelling zal de administratie de vrijstelling ambtshalve jaarlijks toekennen, gedurende de voorziene looptijd van de vrijstelling.

4. Overige en administratieve aanpassingen. 

  • In het artikel 1 met betrekking tot de begripsomschrijvingen worden, ter verduidelijking, op basis van voortschrijdend inzicht en overeenkomstig de handleiding ‘Leegstand bestrijden. Een handleiding voor gemeenten. Herwerking 2025’ van Wonen in Vlaanderen, een aantal aanpassingen doorgevoerd, waaronder:

-  aanpassing definitie ‘administratie’: IGS lokaal Woonbeleid wordt expliciet vermeld; personeelsleden die taken uitvoeren m.b.t. leegstandsbeheer krijgen onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden;

- toevoeging definitie ‘administratieve akte’;

- aanpassing definitie ‘beroepsinstantie’;

- aanpassing definitie ‘gebouw’ en explicitering van 2 types van gebouwen: handelshuis en groep van assistentiewoningen;

- verduidelijking wanneer een nieuw gebouw, nieuwe woning of nieuwe kamer (nieuwbouw) als leegstaand wordt beschouwd; dit is nodig, omdat er nog geen eerdere bewoning is geweest en het laatste gebruik nog niet kan worden vastgesteld;

- aanpassing definitie ‘leegstaande woning’ met verduidelijking van een effectief en niet-occasioneel gebruik, waarbij de verschillende types diensten worden gebundeld onder 1 noemer ‘diensten’ en waarbij wordt opgenomen dat er voor het effectief en niet-occasioneel gebruik een omgevingsvergunning moet worden voorgelegd, wanneer de functiewijziging vergunningsplichtig is. Functiewijzigingen die niet vergund zijn, worden niet aanvaard. Het gebruik moet conform de omgevingsvergunning zijn. Op die manier worden het leegstandsbeleid en het omgevingsbeleid op elkaar afgestemd, en worden onvergunde functiewijzigingen die de gemeente niet wil regulariseren, niet gedoogd via het leegstandsreglement. Dit impliceert dat het leegstandsdossier pas na een regularisatie van de functiewijziging kan geschrapt worden, en dat er bij opname geen rekening zal gehouden worden met het effectieve en niet-occasionele gebruik, wanneer er geen vergunde functiewijziging is (en de woning louter als woning vergund is); voor een woning betekent dit dat indien de woning niet bewoond is, de woning zal worden geïnventariseerd, ongeacht eventueel gebruik volgens een andere, onvergunde functie. Bovendien wordt verduidelijkt hoe het effectief- en niet occasioneel gebruik kan aangetoond worden.

  • In het artikel 2 met betrekking tot het leegstandsregister wordt toegevoegd hoe het leegstandsregister kan geraadpleegd worden.
  • In het artikel 3 met betrekking tot de inventarisatie van leegstand wordt het moment verduidelijkt waarop de opname ‘definitief’ is, waarbij rekening gehouden wordt met de beroepsprocedure. Daarnaast worden enkele objectieve indicaties voor de vaststelling van leegstand toegevoegd.
  • Bundeling, in functie van de leesbaarheid van het reglement, van de beroepsprocedure en -voorwaarden in een nieuw artikel 11bis.
  • In het artikel 6 met betrekking tot de schrapping uit het gemeentelijke leegstandsregister wordt aangevuld dat, voor het bewijzen van het aanwenden volgens de functie, het gebruik volgens de nieuwe functie nodig is wanneer het pand tijdens de inventarisatieperiode van bestemming wijzigt via een omgevingsvergunning. Daarnaast wordt de schrapping voorzien wanneer het pand wordt gesloopt. 
  • In het informatieve artikel 12 met betrekking tot de bezwaarprocedure en -voorwaarden, wordt opgenomen dat een bezwaar ook online kan ingediend worden via de website van stad Genk, in zover deze mogelijkheid wordt voorzien.

De wijzigingen aan het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) treden in werking vanaf 1 januari 2026 en vanaf aanslagjaar 2026.

Juridische grond

  • Grondwet, artikels 170 en 173
  • Decreet betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen van 30 mei 2008 
  • Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017 
  • Omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit van 15 februari 2019 

Regelgeving bevoegdheid

De gemeenteraad is bevoegd op basis van artikel 40-41 van het decreet over het lokaal bestuur.
<p>De gemeenteraad is bevoegd op basis van artikel 40-41 van het decreet over het lokaal bestuur.</p>

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) wordt gewijzigd als volgt:

  • Titel: schrapping ‘2025’ en vervanging door: ‘2031’;
  • Artikel 1: toevoeging na ‘(het “Grond- en Pandendecreet”)’: ‘en artikel 1.3 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021’;
  • Artikel 1, 1°: toevoeging na ‘eenheid’: ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’; schrapping ‘het beheer van het gemeentelijk leegstandsregister’ en vervanging door: ‘de opmaak, het beheer en de actualisatie van het gemeentelijk leegstandsregister. De personeelsleden die hiermee gelast zijn, kunnen onderzoeks-, controle- en vaststellingsbevoegdheden toegekend krijgen’;
  • Artikel 1: toevoeging: ‘2° Administratieve akte: document met een vaste datum dat de leegstand van een gebouw, woning of kamer vaststelt. De datum van de akte is die van de afronding van het onderzoek naar de leegstand. 3° Beroepsinstantie: de beroepsinstantie in kader van dit reglement is het college van burgemeester en schepenen van de stad Genk.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘2°’ en vervanging door: ‘4°’; schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’; toevoeging alinea’s: ‘Een gebouw dat benoemd wordt als handelshuis wegens haar kadastrale aard, wordt niet als woning beschouwd, maar als gebouw. Een groep van assistentiewoningen wordt niet als woning beschouwd, maar als een gebouw.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘2°’ en vervanging door: ‘5°’;
  • Artikel 1: schrapping ‘3°’ en vervanging door: ‘6°’;
  • Artikel 1: schrapping ‘4°’ en vervanging door: ‘7°’;
  • Artikel 1, 7°, derde alinea: schrapping ‘gedeelte’ en vervanging door: ‘woongedeelte’; schrapping ‘eerst afsplitsbaar indien het na slopen’ en vervanging door ‘afsplitsbaar indien het na de sloop’; toevoeging: ‘Gebouw noch woongedeelte kunnen worden opgenomen in het gemeentelijke leegstandsregister.’
  • Artikel 1, 7°: toevoeging vierde alinea: ‘Een nieuw gebouw wordt als leegstaand beschouwd indien het gebouw binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘5°’ en vervanging door: ‘8°’; toevoeging tweede alinea: ‘Een nieuwe kamer wordt als leegstaand beschouwd indien de kamer binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘6° Leegstaande woning: woning die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie of volgende functies die een effectief en niet-occasioneel gebruik met zich meebrengen: - Dienstig als opslagruimte of dienstruimte in functie van aanleunende of bovenliggende handelsactiviteit. Losstaande opslagruimte wordt niet aanvaard als functie. - Ambachtelijke diensten (vb. kappers, schoonheidsinstituten, schoenmakers, fotografen,…). - Zakelijke diensten (vb. verzekeringen, financiële diensten,…). - Particuliere diensten (vb. reisbureau, makelaar, arts,…). - Handelsfunctie of kantoorruimte. - Een actieve handelsuitbating (minstens 3 dagen per week geopend). - Gebruik voor socio-culturele doeleinden, waardoor de woning afdoende benut en onderhouden wordt. De lijst van voorbeelden is niet limitatief. De onderzoeker beoordeelt ter plekke en aan de hand van documenten ter staving het effectieve en niet-occasionele karakter van de functie.’ en vervanging door: ‘9° Leegstaande woning: woning die gedurende een periode van ten minste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met: - hetzij de woonfunctie, die blijkt uit een omgevingsvergunning of meldingsakte als vermeld in artikel 6 van het Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning die voor die woning is uitgereikt. Bij een woning waarvoor er geen vergunning of melding is, of waarvan de functie niet duidelijk blijkt uit een vergunning of melding, wordt de functie afgeleid uit het gewoonlijk gebruik van de woning dat voorafging aan het vermoeden van leegstand, zoals dat blijkt uit aangiften, akten of bescheiden; - hetzij elke andere bij gemeentelijke verordening omschreven functie die een effectief en niet-occasioneel gebruik van de woning met zich mee brengt en die hiervoor een omgevingsvergunning heeft. Deze functies bestaan uit: * opslagruimte of dienstruimte in functie van aanleunende of bovenliggende handelsactiviteit; losstaande opslagruimte wordt niet aanvaard als functie; * diensten (vb. kapper, makelaar, arts, schoenmaker, fotograaf, …); * handelsfunctie; * kantoorruimte; * gebruik voor socio-culturele doeleinden, waardoor de woning afdoende benut en onderhouden wordt. De lijst van voorbeelden is niet limitatief. Het effectief en niet-occasioneel gebruik moet ondubbelzinnig kunnen aangetoond worden. De onderzoeker beoordeelt ter plekke en aan de hand van documenten en andere bewijsstukken het effectieve en niet-occasionele karakter van de functie. Het effectieve en niet-occasionele karakter van de functie kan blijken uit volgende kenmerken (niet-limitatieve lijst): - vaste openingsuren; - registratie in het KBO van een dienst of handelsfunctie; - aansluiting op nutsvoorzieningen, met een significant verbruik; - ingerichte ruimte in functie van de uitvoering van de activiteit; - duidelijke contactgegevens of website; - huurovereenkomst. Een nieuwe woning wordt als leegstaand beschouwd indien die woning binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie of een andere functie die een effectief en niet-occasioneel gebruik met zich mee brengt.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘7°’ en vervanging door: ‘10°’;
  • Artikel 1: schrapping: ‘8° Leegstand bij nieuwbouw: een nieuw gebouw of een nieuwe woning of kamer wordt als een leegstaand gebouw of een leegstaande woning of kamer beschouwd indien dat gebouw of die woning of kamer binnen zeven jaar na de afgifte van een stedenbouwkundige vergunning in laatste administratieve aanleg niet aangewend wordt overeenkomstig zijn functie.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘9°’ en vervanging door: ‘11°’;
  • Artikel 1: schrapping ‘10°’ en vervanging door: ‘12°’; schrapping ‘het decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode’ en vervanging door: ‘de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en uitvoeringsbesluit’;
  • Artikel 1: schrapping ‘11°’ en vervanging door: ‘13°’; schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’;
  • Artikel 1: schrapping ‘12°’ en vervanging door: ‘14°’;
  • Artikel 1: schrapping: ‘13° Tweede verblijf: elke private woning, kamer of gebouw die of dat voldoet aan de begripsomschrijving in het gemeentelijk belastingreglement op tweede verblijven.’;
  • Artikel 1: schrapping ‘14°’ en vervanging door: ‘15°’;
  • Artikel 1: schrapping ‘15° Woning: een goed vermeld in artikel 2 §1, eerste lid, 31° van de Vlaamse Wooncode (elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande).’ en vervanging door: ‘16° Woning: elk onroerend goed of het deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande (Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 1, artikel 1.3, 66°).’;
  • Artikel 1: schrapping: ‘16° Eigenaar: de houder van één van de volgende zakelijke rechten: 1. de volle eigendom; 2. het recht van opstal of van erfpacht; 3. het vruchtgebruik; 4. het recht van bewoning.’;
  • Artikel 1, 17°: schrapping ‘waarbij een zorgbehoevende persoon inwoont bij bloed- of aanverwanten of derden ter ondersteuning van de zorgbehoefte. Deze woonvorm voldoet aan de definitie terzake’ en vervanging door: ‘die voldoet aan de definitie’;
  • Artikel 2, toevoeging §3: ‘§3 Het leegstandsregister kan geraadpleegd worden volgens de bepalingen uit de Wet Openbaarheid van Bestuur van 11 april 1994 en het Bestuursdecreet van 7 december 2018. De persoon die het register wil raadplegen, dient een verzoek te richten naar: - openbaarheid@genk.be of 089 65 36 00; - gemeente@as.be of 089 39 10 00; - info@oudsbergen.be of 089 81 01 00; - informatie@zutendaal.be of 089 62 94 20. Telefonisch kan er enkel meer uitleg gevraagd worden. Indien men effectief stukken opvraagt, dient dit steeds schriftelijk te gebeuren. De gegevens uit het leegstandsregister mogen niet worden hergebruikt, gepubliceerd of verder verspreid worden, tenzij de stad Genk hiervoor expliciet toestemming geeft.’;
  • Artikel 3, §3: toevoeging alinea na ‘en geldt als inventarisatiedatum.’: ‘Zolang de beroepstermijn niet verstreken is, wordt de opname als voorlopig beschouwd. De opname wordt definitief na het verstrijken van de beroepstermijn of bij een verwerping van het beroepschrift.’;
  • Artikel 3, §4, vierde punt: toevoeging na ‘geblokkeerde toegang’: ‘, dichte begroeiing, …’;
  • Artikel 3, §4, laatste punt: toevoeging na ‘uitbating of bewoning’: ‘; - uitbating of bewoning; - het niet bemeubeld zijn van de woning; - het onafgewerkt zijn van de ruwbouw; - het slecht of niet onderhouden zijn van de tuin’;
  • Artikel 4: toevoeging alinea: ‘Tegen de beslissing tot inventarisatie kan de eigenaar beroep aantekenen volgens de procedure bepaald in artikel 11bis.’;
  • Artikel 5: schrapping;
  • Artikel 6, §1, eerste alinea: schrapping ‘als’ en vervanging door: ‘in volgende gevallen: -’; toevoeging: ‘Wanneer een woning of kamer tijdens de inventarisatieperiode van bestemming wijzigt via een omgevingsvergunning, geldt een gebruik volgens de nieuwe functie. - de woning of de kamer werd gesloopt.’;
  • Artikel 6, §1, tweede alinea: toevoeging na ‘bevolkingsregisters’: ‘, een proces-verbaal einde der werken’;
  • Artikel 6, §1, derde alinea: toevoeging paragraafnummer ‘§2’; schrapping ‘als’ en vervanging door: ‘in volgende gevallen: -’; toevoeging: ‘Wanneer een gebouw tijdens de inventarisatieperiode van bestemming wijzigt via een omgevingsvergunning, geldt een gebruik volgens de nieuwe functie. - het gebouw werd gesloopt.’;
  • Artikel 6, §2, tweede alinea: toevoeging na ‘administratieve data’: ‘, een proces-verbaal einde der werken’;
  • Artikel 6, §2, derde alinea: schrapping ‘echter nooit als’ en vervanging door: ‘nooit als enig’; schrapping ‘enkele aanwijzing’ en vervanging door ‘zekerheid’;
  • Artikel 6: vervanging ‘§2’ door: ‘§3’;
  • Artikel 6: vervanging ‘§3’ door: ‘§4’; toevoeging na ‘weigering’: ‘of toekenning’; schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’; schrapping ‘5’ en vervanging door ‘11bis’;
  • Artikel 7, §1: schrapping ‘2025’ en vervanging door: ‘2031’;
  • Artikel 8, §1: toevoeging na ‘verschuldigd door de’: ‘volle’;
  • Artikel 8, §3: schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’;
  • Artikel 9, eerste alinea: toevoeging paragraafnummer ‘§1’;
  • Artikel 9, §1, eerste alinea, eerste punt: toevoeging na ‘Voor een gebouw’: ‘: € 1.500,00’; schrapping: ‘- netto vloeroppervlakte kleiner dan of gelijk aan 200 m²: € 400,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 200 m² en kleiner dan of gelijk aan 400 m²: € 500,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 400 m² en kleiner dan of gelijk aan 2.000 m²: € 750,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 2.000 m²: € 1.000,00.’;
  • Artikel 9, §1, eerste alinea, tweede punt: schrapping ‘€ 1.000,00; ’ en vervanging door ‘€ 1.500,00’; schrapping ‘€ 700,00.’ en vervanging door ‘€ 1.100,00’;
  • Artikel 9, §1, eerste alinea, derde punt: toevoeging na ‘Voor een kamer’: ‘: € 550,00’; schrapping: ‘- Kamer: € 350,00.’;
  • Artikel 9, §1, tweede alinea, eerste punt: toevoeging na ‘Voor een gebouw’: ‘: € 3.000,00’; schrapping: ‘- netto vloeroppervlakte kleiner dan of gelijk aan 200 m²: € 800,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 200 m² en kleiner dan of gelijk aan 400 m²: € 1.000,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 400 m² en kleiner dan of gelijk aan 2.000 m²: € 1.500,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 2.000 m²: € 2.000,00.’;
  • Artikel 9, §1, tweede alinea, tweede punt: schrapping ‘€ 2.000,00; ’ en vervanging door ‘€ 3.000,00’; schrapping ‘€ 1.400,00.’ en vervanging door ‘€ 2.200,00’;
  • Artikel 9, §1, tweede alinea, derde punt: toevoeging na ‘Voor een kamer’: ‘: € 1.100,00’; schrapping: ‘- Kamer: € 700,00.’;
  • Artikel 9, §1, derde alinea, eerste punt: toevoeging na ‘Voor een gebouw’: ‘: € 4.500,00’; schrapping: ‘- netto vloeroppervlakte kleiner dan of gelijk aan 200 m²: € 800,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 200 m² en kleiner dan of gelijk aan 400 m²: € 1.000,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 400 m² en kleiner dan of gelijk aan 2.000 m²: € 1.500,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 2.000 m²: € 2.000,00.’;
  • Artikel 9, §1, derde alinea, tweede punt: schrapping ‘€ 3.000,00; ’ en vervanging door ‘€ 4.500,00’; schrapping ‘€ 2.100,00.’ en vervanging door ‘€ 3.300,00’;
  • Artikel 9, §1, derde alinea, derde punt: toevoeging na ‘Voor een kamer’: ‘: € 1.650,00’; schrapping: ‘- Kamer: € 1.050,00.’;
  • Artikel 9, §1, vierde alinea, eerste zin: toevoeging na ‘vierde’: ‘of langere’;
  • Artikel 9, §1, vierde alinea, eerste punt: toevoeging na ‘Voor een gebouw’: ‘: € 6.000,00’; schrapping: ‘- netto vloeroppervlakte kleiner dan of gelijk aan 200 m²: € 1.200,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 200 m² en kleiner dan of gelijk aan 400 m²: € 1.500,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 400 m² en kleiner dan of gelijk aan 2.000 m²: € 2.250,00; - netto vloeroppervlakte groter dan 2.000 m²: € 3.000,00.’;
  • Artikel 9, §1, vierde alinea, tweede punt: schrapping ‘€ 3.000,00; ’ en vervanging door ‘€ 6.000,00’; schrapping ‘€ 2.100,00.’ en vervanging door ‘€ 4.400,00’;
  • Artikel 9, §1, vierde alinea, derde punt: toevoeging na ‘Voor een kamer’: ‘: € 2.200,00’; schrapping: ‘- Kamer: € 1.050,00.’;
  • Artikel 9, §1, vijfde alinea: schrapping: ‘Indien het gebouw of de woning een vijfde of langere opeenvolgende termijn van twaalf maanden op het leegstandsregister staat, bedraagt de belasting: - Voor een gebouw *netto vloeroppervlakte kleiner dan of gelijk aan 200 m²: € 1.600,00; * netto vloeroppervlakte groter dan 200 m² en kleiner dan of gelijk aan 400 m²: € 2.000,00; * netto vloeroppervlakte groter dan 400 m² en kleiner dan of gelijk aan 2.000 m²: € 3.000,00; * netto vloeroppervlakte groter dan 2.000 m²: € 4.000,00. - Voor een woning * Grondgebonden ééngezinswoning: € 3.000,00; * Flat of andere woningen: € 2.100,00. - Voor een kamer * Kamer: € 1.050,00.’;
  • Artikel 9: toevoeging §2: ‘§2 Vanaf 2026 worden de belastingtarieven jaarlijks, op 1 januari,  geïndexeerd aan de hand van de index van de consumptieprijzen via onderstaande formule, waarbij de geïndexeerde tarieven naar een veelvoud van € 5,00 worden afgerond:

            geïndexeerd tarief aanslagjaar x = tarief aanslagjaar 2026 ∗ index november jaar (x - 1) / index november 2025’;

  • Artikel 10, §1: schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’;
  • Artikel 10, §2: toevoeging na ‘het weigeren’: ‘of toekennen’; schrapping ‘het college van burgemeester en schepenen’ en vervanging door: ‘de beroepsinstantie’; schrapping ‘5’ en vervanging door ‘11bis’;
  • Artikel 10, §3, 2°: schrapping ‘2’ en vervanging door ‘3’;
  • Artikel 10, §3, 3°: schrapping ‘houder van het zakelijk recht’ en vervanging door ‘eigenaar’;
  • Artikel 10, §4, eerste zin: toevoeging na ‘woning’: ‘of kamer’;
  • Artikel 10, §4, 1°: schrapping: ‘Gelegen is binnen de grenzen van een bij Ministerieel Besluit goedgekeurd onteigeningsplan.’;
  • Artikel 10, §4, 2°: schrapping: ‘Gelegen is binnen een bij Ministerieel Besluit goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor een weigering van bouwvergunning verkregen werd wegens een onteigeningsplan in voorbereiding.’;
  • Artikel 10, §4, 3°: schrapping ‘Gelegen binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan of waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid als gevolg van een door de gemeenteraad goedgekeurde principiële beslissing.’ en vervanging door: ‘Gelegen binnen de grenzen van een plangebied waarvoor door de bevoegde overheid een voorlopig onteigeningsbesluit genomen werd of waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid. De vrijstelling geldt tot 1 jaar na de voorlopige goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan dat verband houdt met de beoogde onteigening. De vrijstelling kan maximaal voor 4 jaar worden toegekend. Gelegen binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid voorlopig vastgesteld ruimtelijk uitvoeringsplan en waarvoor geen omgevingsvergunning meer wordt afgeleverd door de bevoegde overheid. Dit laatste moet blijken uit een beslissing van de bevoegde overheid. De vrijstelling geldt vanaf de voorlopige vaststelling van het ruimtelijk uitvoeringsplan tot 1 jaar na de voorlopige goedkeuring van het ruimtelijk uitvoeringsplan. De vrijstelling kan maximaal voor 4 jaar worden toegekend.’;
  • Artikel 10, §4, 4°: schrapping: ‘Krachtens decreet beschermd is als monument, of opgenomen is op een bij besluit vastgesteld ontwerp van lijst tot bescherming als monument.’;
  • Artikel 10, §4, 5°: schrapping: ‘Deel uitmaakt van een krachtens decreet beschermd stads- of dorpsgezicht of landschap, of van een stads- of dorpsgezicht of landschap dat opgenomen is op een bij besluit vastgesteld ontwerp van lijst tot bescherming als stads- of dorpsgezicht of landschap.’;
  • Artikel 10, §4, 7°: schrapping ‘een verzegeling in het kader van een strafrechtelijk onderzoek of omwille van een expertise in het kader van een gerechtelijke procedure, met dien verstande dat deze vrijstelling slechts geldt gedurende een periode van twee jaar volgend op de aanvang van de onmogelijkheid tot daadwerkelijk gebruik.’ en vervanging door: ‘: - een verzegeling in het kader van een strafrechtelijk onderzoek: de vrijstelling geldt zolang het pand verzegeld is; - een betredingsverbod: de vrijstelling geldt zolang het betredingsverbod van toepassing is; - een gerechtelijke procedure: de vrijstelling start vanaf het moment dat de procedure is opgestart en op de rol is verschenen bij een bevoegde rechtbank; de vrijstelling loopt tot een periode van 2 jaar na het vonnis ten gronde, met een maximum van 4 jaar; deze vrijstelling kan slechts 1 maal toegekend worden; - een andere administratieve procedure die het effectief gebruik van het pand onmogelijk maakt: de vrijstelling kan enkel worden toegekend als de ernst van de zaak de normale ingebruikname van het onroerend goed verhindert.’;
  • Artikel 10, §4, 8°: schrapping ‘twee’ en vervanging door: ‘3’; schrapping ‘houder van het zakelijk recht uitzonderlijk een verlenging van de vrijstelling verkrijgen van tweemaal 1 jaar’ en vervanging door: ‘eigenaar tweemaal een verlenging van de vrijstelling verkrijgen van 1 jaar’; toevoeging alinea: ‘Indien de eigenaar meerdere woningen tegelijk wenst te renoveren of te slopen en te vervangen, is een vrijstelling mogelijk voor maximaal 6 opeenvolgende jaren. De eigenaar moet jaarlijks rapporteren over de voortgang op het lokaal woonoverleg. Het woonoverleg geeft een advies aan het college van burgemeester en schepenen over de voortgang. Als er geen voortgang is het sloop- of renovatieproject, kan de vrijstelling niet worden vernieuwd.’;
  • Artikel 10, §4, 9°: schrapping ‘2’ en vervanging door: ‘3’; schrapping ‘houder van het zakelijk recht uitzonderlijk een verlenging van de vrijstelling verkrijgen van tweemaal 1 jaar’ en vervanging door: ‘eigenaar tweemaal een verlenging van de vrijstelling verkrijgen van 1 jaar’;
  • Artikel 10, §4, 10°: schrapping: ‘Het voorwerp uitmaakt van een overeenkomst met het oog op renovatie-, verbeterings- of aanpassingswerkzaamheden in de zin van artikel 18, § 2, van de Vlaamse Wooncode.’;
  • Artikel 10, §4, 11°: schrapping ‘van handelspanden 2017-2019’, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 22 december 2016 en eventuele latere wijzigingen’ en vervanging door: ‘en optimalisatie van handels-, horecapanden en buurtwinkels 2023-2026, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad op 21 december 2022’;
  • Artikel 10, §4, 12°: schrapping ‘i.f.v. leegstandsbestrijding, waarvan de modaliteiten werden goedgekeurd door de gemeenteraad van 27 april 2017, inbegrepen eventuele latere wijzigingen. De vrijstelling gaat in vanaf de ondertekening door de houder van het zakelijk recht van het handelspand van de werkingsmodaliteiten van de databank. De vrijstelling duurt tot de schrapping van het gebouw uit de stedelijke databank, waarvan sprake. De vrijstelling kan slechts worden toegepast zolang er een geldig reglement is met betrekking tot deze databank.’ en vervanging door: ‘conform het stedelijk reglement betreffende de databank voor handelspanden i.f.v. leegstandsbestrijding, goedgekeurd door de gemeenteraad van 21 september 2021. De vrijstelling gaat in vanaf de ondertekening door de eigenaar van het handelspand van de werkingsmodaliteiten van de databank. De vrijstelling duurt tot de schrapping van het gebouw uit de stedelijke databank, waarvan sprake.’;
  • Artikel 10, §4, 13°: schrapping: ‘Niet gelegen is in het kernwinkelgebied, zoals vervat binnen de modaliteiten van de stedelijke databank handelspanden, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van 27 april 2017, maar waarvan de herbestemming naar niet-commerciële invullingen wordt verhinderd door bepalingen uit een Bijzonder Plan van Aanleg of een Ruimtelijk Uitvoeringsplan. De vrijstelling wordt verleend indien de eigenaar kan aantonen dat er inspanningen geleverd zijn om het gebouw te activeren. Deze inspanningen kunnen bestaan o.a. uit het substantieel verlagen van de huurprijs, het investeren van minstens € 5.000,00 excl. btw in de verfraaiing van de handelszaak, het deelnemen aan initiatieven of studies van de stad Genk inzake activering van handelspanden, Deze opsomming is niet limitatief.’;
  • Toevoeging artikel 11bis: ‘Artikel 11bis - Beroep betreffende het leegstandsregister of de vrijstellingen 

§1 Binnen een termijn van dertig dagen ingaand de dag na de datum van de poststempel, kan een eigenaar bij de beroepsinstantie een beroep aantekenen tegen: - een beslissing om een gebouw, woning of kamer op te nemen in het leegstandsregister; - een beslissing om een gebouw, woning of kamer al dan niet te schrappen uit het leegstandsregister; - een beslissing om een gebouw, woning of kamer een vrijstelling van de belasting toe te kennen of te weigeren. Het beroepschrift moet ondertekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten: - de identiteit en het adres van de indiener; - de aanwijzing van de administratieve akte en het adres van het gebouw of de woning/kamer waarop het beroepschrift betrekking heeft; - de bewijsstukken die aantonen dat de inventarisatie of de al dan niet schrapping van het gebouw of de woning/kamer ten onrechte is gebeurd; de vaststelling van de leegstand kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed; of - de bewijsstukken die aantonen dat de vrijstelling van de belasting ten onrechte werd toegekend of geweigerd. Als datum van het beroepschrift wordt de datum van de zending gehanteerd. Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de eigenaar, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat. De indiener voegt bij het verzoekschrift de overtuigingsstukken die hij of zij nodig acht. 

§2 Zolang de indieningstermijn van dertig dagen niet verstreken is, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden. De indiener moet de intrekking van het oude beroepschrift vermelden in het vervangende beroepschrift.

§3 Elk inkomend beroepschrift wordt in het gemeentelijk leegstandsregister geregistreerd en aan de indiener wordt een ontvangstbevestiging verstuurd. 

§4 Het beroepschrift is alleen onontvankelijk: - als het te laat is ingediend of niet is ingediend overeenkomstig de bepalingen van dit reglement; of - als het beroepschrift niet uitgaat van een eigenaar of zijn vertegenwoordiger; of - als het beroepschrift niet is ondertekend. 

§5 Als het beroepschrift onontvankelijk is, deelt de administratie dit onverwijld mee aan de indiener met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd. 

§6 Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op basis van bewijsstukken of met een plaatsbezoek, dat uitgevoerd wordt door een met de opsporing van leegstaande gebouwen en woningen belaste personeelslid. Het beroep is ongegrond als de toegang tot een gebouw of een woning geweigerd of verhinderd wordt voor het plaatsbezoek. 

§7 De beroepsinstantie doet uitspraak over het beroep en bezorgt zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van negentig dagen, ingaand de dag na de datum van het beroepschrift. 

§8 Indien de beslissing tot opname in of niet-schrapping uit het gemeentelijk leegstandsregister niet tijdig betwist wordt, of het beroep van de eigenaar onontvankelijk of ongegrond is, neemt de administratie het gebouw, de woning of de kamer in het gemeentelijk leegstandsregister op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand. 

§9 Het beroep kan via één van volgende kanalen worden ingediend: - E-mail: info@woneningaoz.be - Post: College van burgemeester en schepenen, Stadsplein 1, 3600 Genk

§10 Indien de eigenaar niet akkoord gaat met een beslissing van de beroepsinstantie, dan kan deze de beslissing aanvechten voor de rechtbank van eerste aanleg. De termijn om in hoger beroep te gaan bedraagt 3 maanden na de kennisgeving van de beslissing door de beroepsinstantie. Een hoger beroep kan enkel ingediend worden als de beroepsmiddelen bij de gemeente of de beroepsinstantie zijn uitgeput.’;

  • Artikel 12: toevoeging alinea na ‘- post: College van burgemeester en schepenen, stadsplein 1, 3600 Genk’: ‘Het bezwaar kan ook online ingediend worden via de website van stad Genk in zover deze mogelijkheid wordt voorzien en binnen de termijnen en onder de voorwaarden vermeld in dit artikel.’.

Artikel 2

De gemeenteraad keurt de gecoördineerde versie van het belastingreglement op woningen, gebouwen en kamers die beschouwd worden als leegstaand in het kader van het intergemeentelijk samenwerkingsverband ‘Lokaal Woonbeleid GAOZ’ (= Genk, As, Oudsbergen, Zutendaal) voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2031 goed.

Artikel 3

De wijziging van het belastingreglement gaat in vanaf 1 januari 2026, vanaf aanslagjaar 2026.