Er dient een nieuw meerjarenplan te worden opgemaakt voor de periode van 2026 tot 2031, waarin de strategische en financiële planning wordt vastgelegd.
De vaststelling en goedkeuring van het meerjarenplan verloopt volgens artikel 249 van het Decreet van 22 december 2017 over het Lokaal Bestuur dat bepaalt dat:
Om een maximaal geïntegreerd lokaal beleid te kunnen realiseren, werd er voor stad en OCMW Genk één doelstellingenboom opgesteld. Ook het financiële evenwicht wordt beoordeeld voor stad en OCMW Genk samen. Daaruit volgt dat beide entiteiten een gezamenlijk meerjarenplan hebben opgesteld, dat door beide raden dient te worden vastgesteld.
Ook de rechtspersoon AGB Genk heeft zich ingeschreven in hetzelfde geïntegreerde meerjarenplan en draagt alzo bij aan de realisatie van de gemeenschappelijke beleidsdoelstellingen en actieplannen van groep Genk.
De strategische nota legt de focus niet langer op de prioritaire beleidsdoelstellingen, maar ook en vooral op de prioritaire acties of actieplannen die bijdragen aan de realisatie van de prioritaire doelstellingen. Voor stad, OCMW en AGB Genk werd ervoor gekozen om de informatie in de strategische nota op het niveau van de acties te presenteren en om alle acties als prioritair te beschouwen.
Het meerjarenplan 2026-2031 is tot stand gekomen op basis van de uitgevoerde omgevingsanalyse, het bestuursakkoord en de input van diverse besprekingen, participatietrajecten en adviezen.
Bij de opmaak van het meerjarenplan waren alle diensten betrokken, waarbij de ontwerpdocumenten werden besproken in verschillende managementteamvergaderingen.
Daaruit zijn de voorgestelde deelrapporten strategische nota, financiële nota en toelichting voortgevloeid, die samen het meerjarenplan 2026-2031 van stad en OCMW Genk uitmaken.
Financieel evenwicht:
Het meerjarenplan moet financieel in evenwicht zijn. Dat is het geval als het voldoet aan de volgende voorwaarden:
1. het geraamde beschikbaar budgettair resultaat is in geen enkel jaar negatief;
2. de geraamde autofinancieringsmarge (AFM) voor 2031 is minstens gelijk aan nul.
Het beschikbaar budgettair resultaat voor stad en OCMW Genk bedraagt:
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 |
| € 4.986.104 | € 1.091.322 | € 786.532 | € 1.017.886 | € 929.168 | € 189.191 |
De autofinancieringsmarge voor stad en OCMW Genk bedraagt:
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 |
| € -10.743.708 | € -9.540.161 | € -8.664.044 | € -7.666.334 | € -7.733.994 | € 62.297 |
De beginkredieten van boekjaar 2026 worden vastgesteld bij de vaststelling van het nieuwe meerjarenplan 2026-2031.
In afwachting van de goedkeuring van het meerjarenplan 2026-2031 is de documentatie bij het meerjarenplan terug te vinden onder deze link.
De raad voor maatschappelijk welzijn gaat akkoord met de vaststelling van het deel OCMW van het meerjarenplan 2026-2031 voor stad en OCMW Genk, bestaande uit de deelrapporten strategische nota, financiële nota en toelichting.
Na de vaststelling van het meerjarenplan 2026-2031 dient er een lijst met nominatieve subsidies te worden goedgekeurd, samen met de subsidievoorwaarden inzake de nominatieve subsidies.
Het meerjarenplan 2026-2031, vastgesteld door de raad van maatschappelijk welzijn en vastgesteld/goedgekeurd door de gemeenteraad van 16 december 2025, is tot stand gekomen op basis van de uitgevoerde omgevingsanalyse, het bestuursakkoord en de input van diverse besprekingen, participatietrajecten en adviezen.
Bij de opmaak van het meerjarenplan waren alle diensten betrokken, waarbij de ontwerpdocumenten werden besproken in verschillende managementteamvergaderingen.
Daaruit zijn de voorgestelde deelrapporten strategische nota, financiële nota en toelichting voortgevloeid, die samen het meerjarenplan 2026-2031 van stad en OCMW Genk uitmaken.
Door bij de opmaak van een nieuw meerjarenplan 2026-2031 en na elke aanpassing van het meerjarenplan een afzonderlijke lijst van nominatieve subsidies te laten goedkeuren door de raad voor maatschappelijk welzijn, wordt er autorisatie verleend aan het vast bureau om deze subsidies in de loop van het jaar ten uitvoer te brengen. Investeringssubsidies kunnen na goedkeuring van overdracht door het vast bureau ook in een volgend boekjaar worden aangewend.
Door na de vaststelling van de beginkredieten van het volgende boekjaar, een afzonderlijke lijst van nominatieve subsidies te laten goedkeuren door de raad voor maatschappelijk welzijn, wordt er autorisatie verleend aan het vast bureau om deze subsidies in de loop van het volgende boekjaar ten uitvoer te brengen.
Een toekenning van een nominatieve subsidie gebeurt onder volgende voorwaarden en bepalingen:
De aanvaarding van de nominatieve subsidie door de gesubsidieerde impliceert de aanvaarding van bovenstaande subsidievoorwaarden en -bepalingen.
Het is mogelijk dat voor een nominatieve subsidie specifieke en/of bijkomende subsidievoorwaarden en -bepalingen gelden. In voorkomend geval zullen deze geformaliseerd worden in een overeenkomst tussen OCMW Genk en de gesubsidieerde. Deze subsidieovereenkomst zal ter goedkeuring voorgelegd worden aan de raad; het "nominatieve" karakter van de subsidie komt dan te vervallen.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de bijgevoegde lijst met nominatieve subsidies voor het boekjaar 2026, passend binnen de kredieten 2026 van het meerjarenplan 2026-2031, goed.
De raad voor maatschappelijk welzijn gaat akkoord met de subsidievoorwaarden en -bepalingen opgenomen in de considerans van onderhavig besluit.
De mantelzorgtoelage is een financiële toelage die mantelzorgers kunnen ontvangen als waardering voor de vrijwillige inzet, die zij leveren bij de opvang en/of thuisverzorging van zorgbehoevende ouderen. Stad Genk erkent hiermee het belang van mantelzorg als aanvullende zorg en wil deze zorg stimuleren zodat de zorgbehoevende zo lang mogelijk in zijn eigen omgeving kan blijven wonen. Door het toekennen van een toelage kunnen thuiszorgsituaties worden opgevolgd en kan er een geschikt hulpaanbod worden aangereikt door de hulpverleners.
De voorwaarden tot toekenning van een mantelzorgtoelage worden omschreven in het mantelzorgreglement dat ingevoerd werd op 21 november 1996. Dit reglement werd gewijzigd door de raadsbesluiten van 16 december 1999, 25 oktober 2000, 21 februari 2002, 30 juni 2003, 16 maart 2006, 20 december 2007, 28 april 2011 en 15 juni 2021. Het reglement dat sinds 2021 van kracht is, werd als bijlage toegevoegd (zie bijlage 2).
Een evaluatie van de toepassing van het reglement sinds 2021 wijst uit dat er een gestage groei was de voorbije jaren van het aantal gerechtigden. Naar aanleiding van de opmaak van het nieuwe financieel meerjarenplan werden suggesties gedaan om het reglement aan te passen om enerzijds het voorziene budget binnen de perken te houden en anderzijds een grote groep van mantelzorgers te blijven ondersteunen en waarderen. Het voorstel van aangepast reglement wordt als bijlage toegevoegd (zie bijlage 1). Bij goedkeuring treedt het aangepaste reglement in werking op 1 januari 2026.
Het reglement wordt op twee essentiële punten gewijzigd. Het bedrag van de toelage wordt gewijzigd van € 50,00 naar € 40,00 per maand. Daarnaast wordt de leeftijdsgrens van de zorgbehoevende oudere opgetrokken van 60 naar 65 jaar. Echter voor mantelzorgers die de toelage reeds ontvangen vóór 1 januari 2026 kan de toelage behouden blijven indien de zorgbehoevende tussen 60 en 65 jaar is. De andere voorwaarden die gelden om recht te hebben op de toelage blijven behouden. Voor wat de inkomensgrens betreft, die betrekking heeft op het inkomen van de zorgbehoevende, worden de geïndexeerde bedragen vermeld in het vernieuwde reglement die momenteel van toepassing zijn. Deze bedragen blijven in de toekomst onderhevig aan de gezondheidsindex (zie hiervoor: artikel 2, punt 3 van het huidige reglement versus artikel 4.1, punt 3 van het nieuwe reglement).
Wijziging van het bedrag: (artikel 4 huidige reglement, artikel 5 nieuwe reglement)
Het budget voor de toekenning van mantelzorgtoelagen steeg aanzienlijk in de voorbije beleidsperiode. Sinds de wijziging van het reglement in 2021 was er een continue aanzienlijke stijging van het aantal gerechtigden. Dit leidde tot een verdubbeling van het aantal gerechtigden. Het benodigde budget evolueerde van +- € 260.000,00 in 2021 naar +- € 515.000,00 in 2025. Door in te grijpen in het bedrag van de toelage is het mogelijk het noodzakelijke budget enerzijds te beperken, maar blijven we anderzijds een grote groep van mantelzorgers bereiken en ondersteunen. Door de toelage slechts beperkt te verminderen, blijft het bedrag dat een mantelzorger ontvangt toch substantieel, namelijk € 480,00 op jaarbasis. Het bedrag dat de mantelzorger ontvangt is vrij te besteden en dus niet bedoeld om zorgkosten van de zorgbehoevende ten laste te nemen. Met de toelage drukken we onze waardering uit naar mantelzorger rond hun vrijwillige inzet in de thuiszorg.
Wijziging van de leeftijdsgrens: (artikel 2, punt 2 huidige reglement, artikel 4.1, punt 2 nieuwe reglement)
In oktober 2025 zijn er 794 gerechtigden voor de mantelzorgtoelage. 49 mantelzorgers ontvangen de toelage naar aanleiding van de zorg voor een persoon tussen 60 en 65 jaar. Dit is 6% van het aantal gerechtigden. Met de mantelzorgtoelage bereiken we met andere woorden hoofdzakelijk mantelzorgers van 65-plussers. De groep van 65-plussers die via mantelzorg ondersteund wordt, zal in de toekomst enkel toenemen naar aanleiding van de vergrijzing van de bevolking. De gemiddelde leeftijd van de zorgbehoevende ouderen zal daarmee ook stijgen. Het is een beleidskeuze om specifiek deze bevolkingsgroep te ondersteunen en ertoe bij te dragen dat zorgbehoevende ouderen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. De leeftijdsgrens leggen op 65 jaar, ligt bovendien in lijn met de reorganisatie van de afdeling Welzijn. De nieuwe regioteams +65 zullen instaan voor het ondersteunen van mantelzorgers bij een aanvraag mantelzorgtoelage.
Andere wijzigingen:
De verschillende elementen van het lopende reglement werden herschikt en tekstfragmenten werden verduidelijkt of toegevoegd waar nodig, rekening houdend met verkregen juridisch advies. Inhoudelijke elementen, zoals de voorwaarden die gelden voor de zorgbehoevende of voor de mantelzorger werden niet gewijzigd (met uitzondering van de leeftijdsvoorwaarde).
Bij goedkeuring treedt het aangepaste reglement in werking op 1 januari 2026 en worden de gerechtigden op de toelage schriftelijk in kennis gesteld van de wijzigingen.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het aangepaste reglement 'toekenning stedelijke mantelzorgtoelage' goed, met ingang vanaf 1 januari 2026.